Oppakken

Een chinchilla pakt u beter nooit vanaf boven op. Een chinchilla leeft van oorsprong in het wild en is een prooidier. Instinctief zal het beestje denken dat u een roofvogel bent en zich hiernaar gedragen. Van schrik laat het diertje zijn vacht los. Dit is namelijk een natuurlijk ontsnappingsmechanisme, met grote kale plekken in de vacht tot gevolg. Beweeg daarom altijd rustig en benader de chinchilla van voren op van opzij.

Vervoeren

Zorg er voor dat het verblijf van de chinchilla gereed is, alvorens u het beestje gaat ophalen bij de fokker. De kooi is dus voorzien van eten, drinken, hooi en bodembedekking. Zo kunt u de chinchilla direct in zijn verblijf zetten bij thuiskomst.

Neem altijd een klein kooitje mee naar de fokker, waar u de chinchilla in kunt vervoeren. Zet nooit een waterbakje in de reiskooi. Dit zal omvallen of verschuiven, en de vacht van de chinchilla kan hierdoor nat worden. Zelfs een waterflesje kan gedeeltelijk leeglopen.

Een chinchilla is doorgaans niet dol op autorijden. Ze kunnen er zelfs een beetje misselijk van worden. Dit kun je merken wanneer het beestje plat op de bodem van het reiskooitje gaat liggen. Probeer daarom de reis zo aangenaam mogelijk voor het beestje te maken. Vraag bij de fokker of u een plukje hooi mee mag nemen en neem eventueel een lekkernijtje mee voor onderweg. Dit zal zorgen voor wat afleiding.

Zoveel mogelijk over de snelweg en verharde wegen rijden is tevens aan te raden, en neem bochten en verkeersdrempels zo voorzichtig mogelijk.

Ga je in de zomer een chinchilla ophalen, houdt dan rekening met de warmte. Zorg voor een auto hebt met airco en ga uit de zon zitten. Houdt er wel rekening mee dat de chinchilla niet in de tocht van de airco zit.