Pluizenbol

Het meest in het oog springende kenmerk van de chinchilla is de ontzettend zachte, dichte en pluizige vacht. Dit komt omdat er uit een haarfollikel wel 60 haartjes groeien. Precies om deze reden werd er vroeger veel gejaagd op de beestjes. Het was een gewilde pels waar men vroeger graag bontjassen voor adel en Koninklijke families van maakte.

Richard Glick uit Duitsland was zo’n beroemde chinchilla pelshandelaar in de 19e eeuw. Hij heeft naar verluid rond de miljoen chinchilla pelsen geïmporteerd in Europa, en werd daarom ook wel de “Chinchilla King” genoemd.

Gevoelig

De dikke pels van de chinchilla maakt het beestje extra gevoelig voor invloeden van buitenaf. Zo moet er extra aandacht besteedt worden aan een goede omgevingstemperatuur. Deze mag nooit boven de 25 graden liggen. Warmere temperaturen dan dat zijn al snel levensbedreigend.

Daarnaast zijn chinchilla’s erg gevoelig voor tocht en een vochtige omgeving. Als de vacht van een chinchilla vochtig wordt, door bijvoorbeeld nat hooi door een gevallen waterbak, kan de dikke opeengepakte vacht gaan schimmelen en rotten. Zorg dus altijd voor een zo laag mogelijke luchtvochtigheid in en rond het hok van uw chinchilla.

Wanneer een chinchilla te plots en ruw wordt opgepakt, kan het beestje zijn haren laten uitvallen door de stressreactie. Er ontstaan dan kale plekken in zijn vacht, welke veel tijd in beslag nemen om weer terug te groeien. Dit kan wel zo’n 6 tot 8 weken duren. Pas na 4 tot 6 maanden is de vacht weer volledig hersteld.

Zandbad

Een chinchilla verzorgt zijn vacht door in een zandbad van fijn zilverzand te rollen. Op deze manier houdt hij zijn vacht schoon en verwijdert hij eventuele parasieten.